Melkveebedrijf Oudman in Rottum stapte in februari 2020 over op robotmelken. De veehouderij koos weloverwogen en met volle overtuiging voor de M2erlins van Fullwood. Freerk Oudman en zijn vader Henk hebben 120 melk- en kalfkoeien en 45 stuks jongvee op 67 hectare grond. Freerk vertelt over hun ervaringen.
De familie Oudman boert al sinds 1987 in Rottum. Freerk hielp van jongs af aan mee in het bedrijf van zijn ouders en na een poos buiten de deur te hebben gewerkt, besloot hij op den duur toch weer terug te keren naar zijn ouderlijk huis. Het boeren is sindsdien wel compleet anders geworden, vindt hij. ‘Toen mijn vader nog melkte in de melkstal, moest hij het hebben van zijn eigen waarneming in de put. Dat was hét contactmoment met de koeien en ging allemaal visueel.’
‘Tegenwoordig ben je als boer veel meer met data bezig, zeker als je melkt met robots. Je kunt gehaltes in de melk meten, werkt met kleursensoren en geleidbaarheidsmeting én je houdt je bezig met activiteitmeting. Daarmee heb je al allerlei informatie voordat je de stal inloopt om de koeien te observeren. Dat maakt dat je veel sneller kunt reageren.’
Als veehouder heb je dus veel informatie tot je beschikking. ‘Als het gaat om de gehaltes van de melk en de exacte productie, kun je testen wat wel en niet goed werkt’, zegt Freerk. ‘Je probeert bijvoorbeeld verschillende voersoorten uit om de rantsoenen te kunnen optimaliseren. Daarbij willen we het koeien zo makkelijk mogelijk maken, zodat ze gelukkiger zijn en daarmee ook meer melk afgeven.’
Spelen met de samenstelling van het voer, is voor Freerk voor een groot deel hobby. ‘Is het vetgehalte te laag? Dan zijn er waarschijnlijk koeien met pensverzuring, dus moet je daar iets op verzinnen’, legt hij uit. ‘Een hoog vetgehalte daarentegen kan duiden op slepende melkziekte. Als het lactosegehalte in het najaar daalt en het ureum stijgt dan is er behoefte aan meer energie. Corrigeer je dat op de juiste manier? Dan daalt het ureumgehalte, en stijgt je melkeiwitgehalte en lactose.’
‘Het mooie van de M2erlin melkrobots is dat ik heel goed kan testen of mijn acties effect hebben. Je ziet het effect namelijk terug in de waarden die je uitleest op de robot. Door voortdurend bij te sturen, kun je veel resultaat halen. Het blijft een constante puzzel.’
Dat geldt ook voor het weiden in combinatie met robotmelken. De melkveehouders zetten maximaal in op weidegang. Zo’n 80% van het ruwvoerrantsoen bestaat van april tot september uit weidegras. Maar je stapt er niet zomaar even op over. Om dit proces goed te laten verlopen, is het verstandig om je stal hierop aan te passen. Freerk: ‘Weidegang in combinatie met robotmelken is een puzzel en kan best moeilijk zijn. Wij hebben er bij het plaatsen van de robots dan ook echt rekening mee gehouden’.
Weidegang stond voorop bij het maken van de schetsen. ‘De dealer maakte tekeningen waarin heel goed rekening werd gehouden met onze wensen op dit vlak’, zegt Freerk. ‘Dat was heel helpend. De dieren gaan niet op dezelfde plek naar buiten en naar binnen. Zo voorkom je deels kruisende lijnen. Dat scheelt enorm.’
De 2 M2erlins van Fullwood staan dwars op de oude voergang. De koeien worden met de koppen naar elkaar toe gemolken. ‘We hebben niet voor de op het oog gemakkelijkste oplossing gekozen’, zegt Freerk. ‘We hebben goed nagedacht over de indeling en wat als het gaat om weidegang de beste keuze zou zijn. Zo gebruiken we een 3weg-separatiepoort en 2 aparte uitgangen van het gebouw om de koeien de juiste kant op te sturen. Zo hebben we er maximaal profijt van’.
De weideselectie gebeurt via de robots. De eerste dieren worden ’s ochtends vanaf 4.00 uur al gesepareerd om naar buiten te gaan. Om 8 uur haalt Freerk de laatste koeien op uit het land en rond 10 uur is de stal leeg. Dieren die tijdens het weiden weer binnenkomen blijven tot 15.00 uur op stal om wat maïs of perspulp te eten, waarna ze automatisch een tweede weideperceel tot hun beschikking krijgen.
‘s Nachts pendelen de koeien vanuit dat perceel heen en weer. Freerk: ‘Op deze manier maken we maximaal gebruik van de wetenschap dat een koe vroeg in de ochtend en in de avond sneller eet, grotere happen neemt én daardoor meer gras opneemt’.
‘Door het zo in te richten, komen we gemakkelijk aan 2,7 melkingen per dag’, geeft Freerk aan. ‘Het is wel heel belangrijk om de koeien gemotiveerd te houden. Óf je gaat alles sturen, er heel erg achteraan en dwingend te werk óf je verleidt ze om op vaste momenten bepaalde dingen te doen. Dat laatste werkt veel beter en is ook voor jezelf een stuk prettiger.’
Freerk en Henk gingen niet over 1 nacht ijs bij het maken van hun keuze voor de M2erlins. Ze bezochten bijna 20 melkveebedrijven en lieten meerdere offertes maken. De melkveehouders raakten overtuigd van de melktechniek van Fullwood. Freerk: ‘De stille melktechniek met de elektrische aansluitarm spreekt ons erg aan. De koeien worden goed en snel uitgemolken en de robots passen goed in onze situatie.’
Freerk Oudman werkte 11 jaar als agrarisch adviseur. Hij rekende daarom ook zelf aan de haalbaarheid van de uitbreiding en de overstap op automatisch melken. ‘De jaarproductie is met meer dan 1000 liter per koe gestegen, terwijl het krachtvoerverbruik nagenoeg gelijk is gebleven’, zegt hij. ‘Ik had rekening gehouden met extra kosten voor maaien, mest uitrijden en inkuilen, maar dat was achteraf gelukkig niet nodig.’
De melkveehouders zijn zich daarnaast zeer bewust van hun energieverbruik. Zo plaatsten ze bijvoorbeeld 158 zonnepanelen op het dak van de stal. Met een totale productie van 930.000 liter melk is het totale verbruik met 40.000 kWh erg laag. ‘Het melksysteem van de 2 robots (zonder melkkoeling) vraagt 24.000 kWh per jaar’, zegt Freerk. ‘Dit meten we met een aparte tussenmeter in de meterkast. Verder investeerden we in zonneboilers voor heet water en doen we aan warmteterugwinning, voorkoeling en werken we met frequentiegeregelde vacuümpompen.’
De melkveehouderij heeft dan ook een relatief laag verbruik, tegen minimale kosten. ‘Bij de overstap op automatisch melken is dat wel iets om goed over na te denken’, zegt Freerk.
‘Het is overigens ook prettig dat Fullwood werkt met energiezuinige oplossingen’, vervolgt hij. ‘Denk aan manieren om melkbekers te desinfecteren. Ze gebruiken bijvoorbeeld geen quooker of stoomcleaner zoals andere merken, maar werken met een chemische oplossing. Op dit moment maken we hier nog geen gebruik van, maar het is prettig dat we naar zo’n energiezuinige oplossing kunnen grijpen als dat nodig is in de toekomst.’
Wil je weten of de M²erlin ook een geschikte oplossing is voor jouw stal? Of hoe je jouw bedrijf kunt optimaliseren met behulp van Fullwood? Neem contact op met de dichtstbijzijnde dealer.
